De Thaise koningsdochter was afgelopen weekend in Den Haag om haar nationale modehart uit te dragen.
Koning Willem-Alexander en koningin Máxima waren dit weekend niet thuis (want in Washington), maar Den Haag hoefde niet helemaal zonder royals: de Thaise prinses Sirivannavari Nariratana Rajakanya hield hof in het chique Hotel Des Indes met haar tentoonstelling CHUD THAI: Knowledge, Craftsmanship and Practices of the Thai National Costume.

Modeprinses
Dat is nogal een mond vol, maar feitelijk ging het over de rol van Thaise nationale klederdracht binnen de context van moderne mode. Beide onderwerpen gaan de prinses aan het hart: zij werkt zelf in de mode, heeft een eigen label en loopt menig fashion week af.

Sirivannavari was in Den Haag als keynote speaker om te praten over de Thaise hofkleding en gaf ook nog een lezing over het onderwerp. Daarnaast was er een modeshow met koninklijke dames- en herenkleding uit Thailand.
Balmain
Het is een familiekwestie, de Thaise klederdracht. Siri’s oma, koningin Sirikit, zette zich decennialang in voor het behoud en de ontwikkeling van Thais cultureel erfgoed, liet onderzoek doen naar historische hofkleding en zorgde dat er een reeks door het hof goedgekeurde nationale kostuums ontstond, die ze zelf ook regelmatig droeg.

Daarmee wakkerde ze kennelijk al iets aan in haar DNA dat overgeslagen is op haar kleindochter. Koningin Sirikit werkte ooit samen met de Franse couturier Pierre Balmain aan de vertaling van Thais zijde naar de wereld van de haute couture.







